hans-rietveld-agrarisch-advies-een-zorg-minder(2)
Nieuws

Een zorg minder!

Ontdek nu

23 dec 2025

Provincie Utrecht presenteert plan UPLG: dit betekenen de plannen voor Utrechtse Boeren.

De provincie Utrecht heeft het Ontwerp-Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG) gepresenteerd, een plan dat tussen 2026 en 2035 van grote invloed zal zijn op boeren in de regio. Het UPLG bevat maatregelen om natuur te herstellen, waterkwaliteit te verbeteren en landbouw toekomstbestendig te maken. Belanghebbenden kunnen tussen 6 januari en 16 februari 2026 een zienswijze indienen. Hieronder zetten wij de belangrijkste veranderingen voor u op een rij.

Wat verandert er?

  • Strengere stikstofregels rondom Natura 2000 gebieden
  • Verhoging waterpeil in veenweidegebieden
  • Extra mestbeperkingen rondom kwetsbare natuurgebieden
  • Beperkingen op percelen die zijn aangewezen als ’Essentieel perceel natuur’

Strengere stikstofregels rondom Natura 2000 gebieden

Voor het natuurherstel in Natura 2000gebieden kiest de provincie voor zowel een algemene als een gebiedsgerichte aanpak, gericht op het terugdringen van de stikstofuitstoot. Het doel is om de landbouw gerelateerde uitstoot in 2035 met 46% te verlagen ten opzichte van 2019.

In de algemene aanpak richt de provincie zich bij grondgebonden veehouderij op het vrijwillig verminderen van uitstoot, onder meer via voermaatregelen, managementmaatregelen en weidegang. Wanneer de vrijwillige aanpak niet voldoende resultaat oplevert zal de provincie overgaan op een verplichte emissienorm van 40 tot 42 kg ammoniak per hectare per jaar vanaf 2035. In 2029 wordt in een tussen evaluatie hierover een besluit genomen.

Voor niet-grondgebonden veehouderij komt er een emissienorm per dier in bestaande stallen.

Daarnaast stelt de provincie een gebiedsgerichte aanpak voor. Rond zes Natura 2000gebieden komt een zone van 250 meter waar beperkt mest mag worden uitgereden en geen kunstmest gebruikt mag worden. Het gaat om: Binnenveld, Botshol, Lingegebied & Diefdijk Zuid, Oostelijke Vechtplassen, Nieuwkoopse Plassen & De Haeck en Zouweboezem.

In alle negen Natura 2000gebieden zelf mag helemaal geen mest meer worden uitgereden, tenzij dit noodzakelijk is voor natuurbeheer. Ook geldt er een maatwerkaanpak voor stalemissies, waarbij vooral grotere stallen met veel vee hun uitstoot verder moeten verlagen.

Verhoging waterpeil in veenweidegebieden

De provincie wil in veenweidegebieden het waterpeil verhogen om bodemdaling en CO₂uitstoot te beperken. Voor boeren in deze gebieden kan dit grote gevolgen hebben. Een hoger waterpeil betekent vaak natter land, waardoor de draagkracht afneemt, percelen later begaanbaar zijn en het maaien en beweiden lastiger wordt. Ook kan het invloed hebben op de gewaskeuze, het gebruik van machines en de bedrijfsvoering in het algemeen. De provincie zegt dat er ondersteuning komt voor boeren die hierdoor worden geraakt, maar benadrukt dat peilverhoging noodzakelijk is om het veen te behouden en verdere bodemdaling te stoppen.

Extra mestbeperkingen rondom kwetsbare natuurgebieden

De regels rondom mestgebruik veranderen ingrijpend onder het UPLG. In de zones van 250 meter rond Natura 2000-gebieden gaat een maximum gelden van 100 kg stikstof uit dierlijke mest per hectare per jaar, gecombineerd met een verbod op kunstmest en op RENURE. Binnen de Natura 2000-gebieden zelf wordt bemesting volledig verboden, behalve wanneer dit aantoonbaar nodig is voor het behalen van specifieke natuurdoelen. Daarnaast zorgt de vernatting van veenweidegebieden voor een verdere beperking van de bemestingsruimte: nattere bodems hebben minder draagkracht en benutten mest minder efficiënt, waardoor intensieve bemesting praktisch niet meer mogelijk is.

Beperkingen op percelen die zijn aangewezen als ’Essentieel perceel natuur’

De provincie wijst nieuwe percelen aan als ‘Essentieel perceel natuur’. Dit zijn gronden die volgens ecologische analyses noodzakelijk zijn voor het realiseren van natuurdoelen. Voor boeren betekent dit dat deze percelen op termijn een natuurbestemming krijgen. Intensieve landbouw, bemesting en bedrijfsuitbreiding worden hier stap voor stap onmogelijk. Vaak wordt extensiever beheer gevraagd en in sommige gevallen wil de provincie de grond aankopen. Als vrijwillige verkoop niet lukt, kan uiteindelijk zelfs onteigening worden ingezet. Op deze percelen is landbouw in de toekomst dus niet of slechts zeer beperkt mogelijk.

Schade

De maatregelen uit het UPLG hebben grote impact op het landelijk gebied en kunnen voor agrarische ondernemers aanzienlijke schade veroorzaken. Denk aan inkomensverlies door beperkingen in de bedrijfsvoering, waardedaling van grond of gebouwen, stilstaande vergunningverlening of hoge kosten voor het aanpassen van stallen en teelten.

Tot slot adviseren wij agrarische ondernemers om tijdig in kaart te brengen welke onderdelen van het UPLG hun bedrijf raken en waar nodig een bedrijfsspecifieke zienswijze in te dienen. De maatregelen veroorzaken niet alleen financiële schade, maar brengen ook onzekerheid, stress en druk op het toekomstperspectief met zich mee. Wij ondersteunen ondernemers graag bij het onderbouwen van hun zienswijze en het helder verwoorden van de economische en emotionele gevolgen van het UPLG voor hun bedrijf richting de provincie.

Ga terug