(UPDATE) Natuurbeschermingswet

05-06-2014 om 15:28:07 uur

De afgelopen 2 jaar is er over de Natuurbeschermingswet veel geschreven. Nog steeds is het een actueel onderwerp. Deels zal dit komen doordat elke agrariër verplicht is een Natuurbeschermingswetvergunning te bezitten, maar waarschijnlijker nog komt dit doordat het huidige stikstofbeleid lijkt te zijn vastgelopen en gestrand. Verschillende milieuorganisaties hebben bij diverse provincies bezwaar gemaakt op afgegeven NB-wet beschikkingen.

Bezwaren
De bezwarenschriften richten zich niet tegen de aanvraag van de agrariërs zelf maar zijn gericht tegen het gevoerde beleid van de provincies. Met als gevolg dat agrariërs te maken krijgen met een lange procedures en waardoor bouwplannen worden vertraagd. De bezwaarmakers vinden bijvoorbeeld dat de provincie te gemakkelijk de vergunningen verleent. Ook vinden zij de vergunbare emissietoename die in de meeste gevallen wordt verleend te royaal, te weten 0,05 mol / ha / p jr. Daarnaast zouden de salderingsbanken, waarop interim-uitbreiders  aanspraak kunnen maken, gevuld zijn met onrechtmatige, oude milieuvergunningen.

Utrecht
Op 12 februari jongstleden werd er op het provinciehuis in Utrecht een hoorzitting gehouden waarbij de bezwaarmakers en de juristen van de provincie uitleg gaven omtrent beider standpunten. Belangrijk was de uitspraak van de Raad van State van 13 november 2013. Genomen salderingsbesluiten deden aanspraak op de ‘oude’ depositiebank, waarin oude rechten, opnieuw werden uitgegeven. De RvS heeft aangegeven dat salderingsbesluiten anders dienen te worden ingericht en niet zomaar ingevuld kunnen worden met oude vergunningen. Een ander belangrijk uitgangspunt dat door de uitspraak is gewijzigd, is de benadering van het vergunde recht. Voorheen mocht worden uitgegaan van de vergunning die van toepassing was op de referentiedatum van 7 december 2004. De RvS heeft echter aangegeven dat indien na de referentiedatum van 7 dec. 2004 een melding is ingediend of vergunning is verkregen waarbij minder dieren zijn opgeven en vergund, van de laagste dient te worden uitgegaan.
Door de nieuwe toetsingscriteria gaat de provincie Utrecht de besluiten waarop bezwaar is gemaakt herzien, zodat de vergunningen conform de laatste jurisprudentie zullen worden verleent.

Zuid-Holland
Knelpunt in de vergunningverlening van de provincie Zuid-Holland vormt het N-2000 gebied ‘Uiterwaarden Lek’. Er is namelijk een Utrechts deel en een Zuid-Hollands deel. De rechter heeft bepaald dat een vergunning door de provincie Zuid-Holland enkel verleent kan worden wanneer ook de provincie Utrecht met de emissietoename kan instemmen. Zij doen dit alleen wanneer de toename onder de grens ligt van 0,05 mol / ha / p jr. Dit vormt een groot contrast met het beleid van de provincie Zuid-Holland, waarbij toenames van 1 mol / ha / p jr. normaliter vergunbaar zijn.

Extern salderen
De oplossing die veelal door de provincies wordt aangedragen is extern salderen. Waarbij je de ammoniakrechten van een andere agrariër overneemt en zodoende, in zijn totaliteit geen sprake meer is van een toename. Echter zo gemakkelijk gaat dit niet, aan het overnemen van een oude vergunning zijn nogal wat voorwaarden verbonden. Ten eerste moet de vergunning nog intact zijn, dat wil zeggen dat met die vergunning nog steeds dieren gehouden moeten kunnen worden. Vergunningen die in het verleden al zijn ingetrokken tellen hiervoor niet meer mee. Wat er dan met die ammoniakrechten is gebeurd weet niemand. Wellicht vervlogen ammoniak…
Daarnaast is het van belang dat in het kader van de bedrijfswijziging geen melding Activiteitenbesluit heeft plaatsgevonden, waarin bijv. wordt gemeld dat minder of geen vee meer gehouden wordt.

Kortom in de praktijk blijkt het erg lastig om goedgekeurde rechten over te nemen. Het heeft uiteraard ook consequenties voor diegenen waarvan de rechten worden overgenomen. Hij zal op die locatie beperkt of zelfs geen dieren meer kunnen houden. Wanneer dit de bedoeling is omdat de bestemming wordt gewijzigd vormt dit geen probleem,  wanneer het bedrijf nog moet worden verkocht, zal het bedrijf in waarde dalen, doordat de rechten om vee te houden al zijn verkocht.

Vooruitzicht & PAS
Aangaande de hele situatie rondom de Natuurbeschermingswet is het afkijken wat er gaat gebeuren. Wordt er gehandhaafd? Komt er een pardonregeling voor de interim-uitbreiders? (interimmers= uitbreiding heeft na 2004 plaatsgevonden, zonder dat een NB-wet voor de uitbreiding is verleend geweest.)
Misschien wordt van overheidswege verplicht gesteld dat enkel nog emissiearm zal mogen worden gebouwd.

Door veel instanties wordt lovend gesproken over de PAS (Programmatische Aanpak Stikstof). Bij de inwerkingtreding zou meer ontwikkelingsruimte vrijkomen voor agrariërs. Dit is echter nog maar de vraag doordat veel provincies nog geen weet hebben, hoeveel ammoniak daadwerkelijk op de N-2000 gebieden wordt uitgestoten. Ook de gemeentes en provincies maken aanspraak op de ontwikkelingsruimte i.v.m. de aanleg van wegen en oprichting van bedrijfsterreinen.

Advies
De recentste uitspraak van de Raad van State, d.d. 13 november 2013 heeft laten zien dat het als agrariër verstandig is om zelf een vergunning aan te vragen, voordat van overheidswege besloten wordt om degenen die nog geen NB-wet vergunning bezitten, rechten worden toegewezen op basis van bijv. bepaalde jaargangen. Ons advies blijft daarom nog steeds, zorg ervoor dat je een Natuurbeschermingswetvergunning bezit voordat de PAS zijn intrede doet. Hebben = hebben

Volgens de laatste bekendmakingen zou de PAS gedeeltelijk op 01-07-2014  en 01-01-2015 in werking treden. Wilt u weten hoe een vergunning aangaande de Natuurbeschermingswet zich verhoudt tot uw situatie? Neem dan geheel vrijblijvend contact met ons op.

ga terug

Technisch gebouwd door: designpro.nl | Optimalisatie door Z-IM.nl